Kindertijd vs heden
Vanuit mijn kindertijd zijn mij een paar dingen bijgebleven. Ik hield van lezen, speelde uren achter elkaar met mijn barbies, kon mijzelf verliezen in fantasiespel (zoals heksje spelen), richtte iedere zondag mijn kamer opnieuw in, deed uren achter elkaar de handstand en spaarde vijf cent(jes).
Dit waren allemaal dingen die ik leuk vond en dus eindeloos kon blijven doen. Ik las uren achter elkaar boeken (hallo hyperfocus), maar telde ook wekelijks mijn spaarpotten met 5 centjes. Ik had altijd veel ideeën. Van het maken van zelfgefabriceerde heksensoep, een avontuur bedenken die ik uitspeelde met mijn barbies of het spelen van winkeltje. Ik deed het allemaal erg graag. De films van Pipi Langkous heb ik minstens 35 keer gezien als kind. Ik was er verslingerd aan. Zij was mijn grote voorbeeld.
Aan de andere kant was er ook de verveling. Want als ik niet wist wat ik moest doen, dan wist ik dat ook echt niet. Er was toen ook nog niet bekend dat ik ADHD had, dus woorden als onderprikkeling of schakelen stonden nog niet in mijn woordenboek. Met name schakelen was als kind voor mij lastig. Ik vond de dingen om mij heen vaak te snel gaan. De speelmomenten waren te snel voorbij. Ik voelde vaak druk, met name op school. Het moeten presteren in een bepaalde tijd. Vreselijk. Maar terug naar de speelmomenten. Ik kon mijzelf dus uren vermaken óf ik kon mij vervelen. Dat iets doen en vervelen vaak kunnen voorkomen op een dag, is te lezen in dit stukje dagboek. Ik vond mijn dagboek pas tijdens een opruimsessie op zolder. Zo lollig om te lezen. Het is geschreven in de zomervakantie van 2003. Ik was op dat moment nét 13. Het desbetreffende stukje gaat over een vakantiedag. Wij hadden als gezin een seizoensplek in Zeeland en daar waren wij dus ook in de vakantie. Deze dag dus niet.
12-07-2003
Hallo,
Ik kwam vandaag om half 11 uit m’n bed, maar dat is logisch want ik heb gisteren tot ’s avonds 12 gecomputerd. Ik hoefde niet naar mijn zus in het ziekenhuis. M’n ma ging verse broodjes halen en toen ze met de broodjes terug kwam ging ik ze klaarmaken. Toen gingen we eten. Na het eten ging ik ff de hond uitlaten. Het is vakantie en we zitten thuis. En je moet weten dat m’n ma vaak zegt we gaan vanavond misschien naar de camping en dan word ik heel blij en dan vraag ik of we nog gaan en dan zegt ze NEE. En dan word ik zo sacho. Ik vind thuis hier zo saai. Ik verveel me rot, maar we gingen naar de kringloop, dat was gezellig. Toen ben ik gaan lezen. Na het avondeten ging ik me zo vervelen dat me ma sacho werd en ben ik muziek gaan luisteren en in m’n dagboek wezen schrijven. Ik ben nu afgekoeld (na 2 uur) dus ga ik ff wat drinken en dan naar bed. Welterusten. Renate
Sidenote: sacho is hierin een afkorting van sacherijnig.
In het stukje dagboek lees je meteen ook dat ik behoefte had aan duidelijkheid, haha. Nu ik weet dat ik ADHD heb, heb ik ook meer kennis over hoe dingen werken in mijn hoofd. Soms ben ik gewoon onderprikkeld en heb ik nergens zin in. Soms verveel ik mij en wil ik wel iets doen, maar weet ik niet wat. Dat zijn de momenten dat ik ga lummelen. Vaak gaat dit gepaard met wat gepiep als: “Ik verveel me zooooooo!” Tijdens het piepen gebeurt er echter genoeg in mijn hoofd en ben ik vaak het een en ander aan het afwegen. Deze verveel momenten brengen mij vaak iets, want het zijn vaak de momenten dat ik vervolgens wel actief aan de slag ga. Denk bijvoorbeeld aan het schrijven van een blog, het bakken van een cake of het uitzoeken van die ene kast.
Toen ik het stukje in mijn dagboek terug las, moest ik lachen. Ik besefte mij dat er veel is veranderd ten opzichte met 18 jaar geleden. Anderzijds is er in bepaald opzicht weinig veranderd. Ik ben altijd op zoek naar prikkels, houd van duidelijkheid en houd niet van veranderingen. Ik ga nog steeds graag naar een camping, want kamperen zit in mijn bloed. Ook ga ik nog steeds graag naar de kringloopwinkel. O, en Pipi Langkous is nog steeds mijn voorbeeld.
“Ik heb het nog nooit gedaan, dus ik denk dat ik het wel kan!”