De verbouwing
Een stukje uit het dagboek tijdens onze verbouwing.
De voorpret wordt met de dag meer. Nog even en de grote verbouwing begint. In gedachten droom ik al weg in mijn nieuwe badkamer. Mét bad! Ik denk al na welke bruisballen ik wil bestellen en houd mij in om niet meteen de Lush leeg te kopen.
De dag voor de verbouwing. Mijn man en ik zijn allebei een beetje gespannen. Hoe gaat het lopen? Zal alles goed gaan? We hebben vertrouwen in de aannemer en zijn team. We moeten het loslaten. Nu nog even lekker slapen in onze slaapkamer, want vanaf morgen begint de herrie en daarmee ook de chaos.
De eerste 2 dagen staan in het teken van slopen. De mankrachten arriveren rond half 8, zo is gecommuniceerd. Dat is even schakelen. Ik heb zo’n 1.5 uur nodig om rustig op te kunnen starten. Ik vind het echter ook belangrijk om voldoende rust te pakken, dus ik kies ervoor om iets voor 7 uur uit bed te komen en mijn routine sneller door ’te werken’. Het team arriveert echter iets over 7 en ik moet meteen aan staan; koffie zetten, een praatje maken en de plannen aanhoren. Mijn hele routine is ineens anders. Ik sta op het laatste moment nog een ontbijt naar binnen te proppen en ga dan naar mijn werk. De avonden worden besteed aan het huis zoveel mogelijk aan kant brengen. De trappen, overloop en kamer waar we slapen worden gezogen en gedweild. Ik heb huisstofmijt allergie, dus we hebben weinig keus. Het is een rot klus wat veel tijd in beslag neemt. Na twee dagen midden in de verbouwing ben ik al erg moe. Maar gelukkig is het weekend. Zaterdag op zondag slaap ik zo’n 10 uur en voel ik me weer een beetje een ander mens.
Maandag is mijn vrije dag en houd ik ervan om te lanterfanten, maar nu kies ik er bewust voor om wat dingen te ondernemen. Het is nog steeds fase slopen dus ik kan die prikkels missen als kiespijn. Ik merk dat ik het lastig vind dat ik niet echt een plek heb om tot rust te komen. Zo zijn we inmiddels verhuisd met onze matrassen naar zolder en ligt er overal in het huis rommel. Vandaag worden er aan de lopende band materialen geleverd, waardoor de woonkamer tjokvol spullen staat. Hierdoor kan ik nog minder goed ontspannen. Ik vind de vorderingen nog steeds heel leuk, maar ik heb moeite met alles wat anders gaat. Ik moet bij anderen douchen, mijn make- up met een spiegeltje bij het aanrecht aanbrengen en opletten waar ik loop. Gelukkig is het dinsdag Koningsdag en kan ik lekker uitslapen. Ik slaap bijna 11 uur en geniet van het mooie weer. Vanaf woensdag weer werken.
Er staat een drukke werkdag voor de boeg. Ik moet tot een uur of 8 werken ’s avonds. Ik ben er vroeg uit om voor het team koffie te zetten en het geklets aan te horen. Dan maak ik me als een malle gereed om te gaan werken. De werkdag is fijn, maar ik merk dat ik erg moe ben. Ik snak naar een schoon huis, languit op de bank liggen en in alle rust te ontprikkelen. Mijn man is eerder thuis en heeft aangegeven dat hij ervoor zorgt dat het huis zo goed als mogelijk aan kant is. Dat vind ik een prettig vooruitzicht. Hij doet zelf de elektra en heeft dus ook genoeg werk te doen. Als ik klaar ben met werken, bel ik even naar huis. Ik krijg de boodschap dat het werk niet vordert zoals gehoopt. Dat betekent dus veel zooi en nog aan de bak moeten als ik thuiskom. Ik voel enorm veel weerstand. Thuis aangekomen, ga ik meteen maar aan de slag. Alles wordt weer gezogen en gedweild. Als ik klaar ben, ben ik zó verschrikkelijk moe dat ik buikpijn krijg als ik denk aan weer een dag verbouwing. De tranen prikken in mijn ogen. Als mijn man vraagt wat er is, zeg ik dat hij me maar moet laten omdat ik anders ga huilen. Natuurlijk vraagt hij door. Dan komt er een stortvloed aan tranen en vertel ik hoe moe ik ben, hoeveel moeite ik heb met alle prikkels en hoe moeilijk ik het ‘aanstaan’ in de ochtenden vind. Het huilen lucht al erg op en ik merk dat ik weer wat ruimte in mijn hoofd krijg. Mijn man stelt voor dat hij de dag erna wat later begint en de mannen opvangt, zodat ik even mijn eigen gang kan gaan. Dat is fijn. Hij voegt daad bij het woord en het is de eerste ochtend dat ik niet meteen ‘aan hoeft te staan’.
De fase slopen is overgegaan naar opbouw. En dat is een fase die ik iets prettiger vind. Er is minder lawaai en minder rommel. Ook verdwijnen steeds meer spullen van beneden naar boven en langzaamaan krijg ik mijn opgeruimde woonkamer terug. Ik blijf het vroeg opstaan, mensen over de vloer en in de avonden schoonmaken pittig vinden. Met name omdat ik zaterdag ook moet werken. Ik heb dan wel geen mensen over de vloer, maar de wekker gaat alsnog vroeg. Het enige wat dan gesloopt wordt is een muurtje in het toilet. Mijn man geeft aan dat hij niet kan garanderen dat de toiletpot blijft staan (deze klus doet hij zelf) en dat we dan ‘even ergens anders moeten logeren’. Ik krijg lichte paniek gevoelens. Ik moet er niet aan denken om bij anderen te slapen. Nog meer prikkels! Ik wil gewoon thuis zijn, op mijn eigen bank liggen en even kunnen cocoonen. Ik spreek mijn gevoelens uit en benoem ook dat ik hier echt een error van krijg in mijn hoofd. Gelukkig kent hij mij langer dan vandaag. Hij benoemt dat hij bijna zeker weet dat de toiletpot gewoon blijft hangen en dat we anders een hotel boeken. Bij die gedachte kom ik meteen tot rust. Tijdens mijn werkdag check ik even mijn telefoon. Er is een foto gestuurd van het toilet. De pot hangt er nog. Gelukkig, ik kan lekker thuis zijn dit weekend.
De laatste loodjes wegen in dit geval niet het zwaarst. De opbouw gaat enorm snel en in en om het huis wordt het steeds rustiger. Er wordt gestuct, geverfd en gekit. Er komt meer ruimte in mijn hoofd, ik heb minder last van prikkels en krijg weer meer energie.
Inmiddels is de verbouwing voorbij en geniet ik weer volop van mijn huis. Ik heb plantjes gekocht om de boel op te fleuren én ik heb bruisballen bij de Lush besteld. Ik vond het een pittige periode, maar het was het meer dan waard.